Affiliate Marketing voor beginners (1/2)

Niet alleen de pro`s bezoeken dit blog. Ook voor beginnende affiliates proberen we op dit blog boeiende artikelen over affiliate marketing te schrijven. Steeds meer mensen hebben interesse in affiliate marketing. Dit geldt voor zowel affiliate marketeers in spé als webwinkeliers. Nog maar al te vaak verneem ik dat affiliate marketing bij met name de kleinere webwinkels onbekend terrein is. Ook veel mensen die zelf bezig zijn met websites bouwen of beheren kennen het begrip affiliate marketing nog niet. Dit artikel richt zich in eerste plaats op affiliate marketeers maar ook als webwinkelier kun je hier zeker de basis van affiliate marketing uit oppikken. In het vervolgartikel zal ik dieper ingaan op het daadwerkelijk beginnen met affiliate marketing. (zie ook deel 2)

 

Making Money Online

De verhalen op Amerikaanse blogs (van bijvoorbeeld Shoemoney of John Chow) over de miljoenen die je met affiliate marketing kunt verdienen, wakkeren de interesse van velen aan. Misschien geldt dit ook wel voor jou. Op hun blogsites pronken snelle bolides en grote huizen gekocht van de duizenden Dollars die ze hebben verdiend door aan anderen te vertellen hoe ze online duizenden Dollars verdienen. Dat klinkt natuurlijk als muziek in de oren. Naast degenen die het grote geld najagen, lijken ook de marketing studenten steeds meer notie te hebben van het bestaan van affiliate marketing. Ik merk dat affiliate marketing in toenemende mate wordt behandeld tijdens colleges en dat studenten steeds meer interesse hebben in deze richting. Het lijkt erop dat dit voornamelijk aangewakkerd wordt door nieuws rondom social media en nieuwe initiatieven zoals Groupon. Zeker de branding van producten en bedrijven in social media is een onderwerp waar je veel studenten over hoort. Mondjesmaat komt ook affiliate marketing hierbij aan bod maar ik heb nog niet van een opleiding gehoord waar volledig wordt ingegaan op deze materie.

 

Meer Sales!

Naast de groep die best wel eens affiliate marketeer zou willen worden is er natuurlijk ook de kant van de webshops (adverteerders) die affiliate marketing als mogelijk interessant extra kanaal zien om meer kopende bezoekers te bereiken. Want kopen dat doet het internetverkeer dat voortkomt uit affiliate marketing wel. Daar zorgen de marketeers wel voor want affiliate marketing kenmerkt zich voornamelijk door een “performance based” model. Dit houdt in dat er meestal pas voor marketing betaald hoeft te worden wanneer een consument een product aanschaft.

 

Affiliate marketing in een notendop

Webwinkels willen meer verkopen. Maar hoe? Het internet is erg groot en eigenlijk ook best ondoorzichtig. Waar surfen de potentiële klanten naartoe en wat willen ze precies? Om het internet optimaal te benutten als webwinkel kun je affiliates inschakelen. Dat zijn individuen of bedrijven die in staat zijn om online bezoekers (verkeer) te sturen. Vaak is dit via websites maar ook e-mail of bannercampagnes zijn bijvoorbeeld een optie. Affiliates werken uiteraard niet gratis en dus staat hier een vergoeding tegenover. Dit kan per klik zijn, per view, per lead of per sale. Dating-bedrijven werken bijvoorbeeld vaak per lead en webwinkels vaker per sale. Op deze manier hoeven adverteerders alleen aan een affiliate te betalen op het moment dat er daadwerkelijk iets gekocht wordt. Dit gaat dus volgens het no-cure-no-pay principe en voor webwinkels is dit een erg veilige vorm van reclame maken omdat je enkel hoeft te betalen wanneer er ook inkomsten zijn. In de meeste gevallen zit tussen de affiliate en de webwinkel een affiliate netwerk, waarop ik zo nog terugkom. In afbeelding 1 zie je een schematische weergave van affiliate marketing. In stappen loopt dit als volgt:

  1. De eerste stap begint bij de (nietsvermoedende) consument met een bepaalde behoefte.
  2. De aandacht van een consument wordt getrokken door een uiting van een affiliate. Deze kan van informatieve aard zijn (informatie over een stad), maar ook een uiting zijn met een call-to-action (een banner met een afgeprijsd boek).
  3. Op basis van de interesse van de consument, zal een affiliate de consument doorsturen naar een webwinkel,reisorganisatie, datingsite etc. Bij de informatie over een stad kun je bijvoorbeeld consumenten doorsturen naar een boekingssite voor hotels. De site met boekenreviews doet er goed aan het best beoordeelde boek te promoten met een banner.
  4. Er vindt een transactie plaats tussen de webwinkel en de consument. De consument koopt een product en de webwinkel ontvangt een betaling. Er vindt echter ook een tracking plaats van dit gebeuren, die vaak wordt gefaciliteerd door een netwerk. De affiliate dient namelijk beloond te worden voor zijn of haar inspanning.
  5. De sale wordt geregistreerd door het netwerk en er vindt een periode plaats waarin de webwinkel de sale dient goed te keuren. Een product kan bijvoorbeeld worden teruggebracht. Als deze periode verstreken is, betaalt de webwinkel aan het affiliate netwerk.
  6. Het netwerk betaalt de affiliate uit. Zelf houdt het netwerk een percentage van de commissie in ruil voor de geleverde dienst.

Afbeelding 1: schematische weergave affiliatemarketing


Affiliate Netwerken

Als je wilt samenwerken met een affiliate dien je technisch het een en ander op orde te hebben. Vanaf het moment dat een webshop bezoeker via een affiliate binnenkomt, dient dit namelijk ergens ‘getracked’ te worden. Voor deze tracking is software te verkrijgen, maar dit kunnen webshops ook uitbesteden aan affiliate netwerken. De netwerken hebben goede tracking systemen en tevens kan je alle statistieken inzien wanneer je jezelf aanmeldt en inlogt in het systeem. Daarbij spelen affiliate netwerken nog drie belangrijke rollen:

  • Een netwerk fungeert als marktplaats tussen affiliates en webwinkels. Er zijn erg veel webshops aangesloten bij een affiliate netwerk en je hoeft niet met iedereen persoonlijk contact te hebben omdat er een systeem staat dat verbindt.  In afbeelding 2 staat dit schematisch weergegeven.
  • Een affiliatenetwerk handelt alle financiële rompslomp voor affiliates af. Je ontvangt doorgaans een keer per maand een credit factuur waarin de betalingen staan van misschien wel 30 webwinkels waar jij sales voor hebt gerealiseerd.
  • Als je goed werk levert zal een netwerk jou promoten bij een webwinkel. Zo wordt een extra stukje werk voor affiliates uit handen genomen.

Afbeelding 2: De functie van een netwerk

Als je als affiliate bent aangemeld bij een affiliate netwerk kun je inzien welke programma`s er ‘draaien’. Zo zie je de voorwaarden die een adverteerder stelt. Voorbeelden van de informatie die op deze pagina`s staan is:

  • Vergoeding – dit is vaak een percentage maar het kan ook een vastgesteld bedrag zijn (fixed fee), dit zie je vaak in de reisbranche.
  • Toegestane promotie – soms mag je bijvoorbeeld niet adverteren in Google omdat de adverteerder dit in eigen beheer heeft.
  • Advertentie middelen –  adverteerders stellen banner materiaal beschikbaar dat je kunt gebruiken.
  • De tracking – Je kunt er een url ophalen die gekoppeld is aan jouw account en website.
  • Statistieken.

In Nederland zijn er zo’n 20 affiliate netwerken. Op het affiliateblog houden wij jaarlijks de omzetcijfers van deze affiliate netwerken in de gaten: Top 10 affiliate netwerken Nederland

 

Soorten Affiliates

Er zijn grof gezegd 5 manieren waar je op kortere of langere termijn geld mee kunt verdienen.

Cashback/loyalty
Via een cashback website beloon je jouw bezoekers (vaak zijn dit members van je site) voor het kopen bij een bepaalde winkel, of voor het aanmelden op nieuwsbrieven. Omdat er een beloningsaspect inzit, heb je een stukje techniek nodig en dus is dit pas een beetje interessant als je al wat geld verdiend hebt om te investeren.

E-mail marketing
Het is eigenlijk heel simpel maar anderzijds ook weer een enorme kunst om een goed e-mailbestand op te bouwen dat converteert – ofwel, waarmee geld verdiend kan worden. Het wordt pas interessant bij grote aantallen en voordat je hier bent gaan er wel wat maandjes overheen of je gebruikt geld om e-mail adressen in te kopen, maar dan moet je dus wederom investeren.

Traffic Buying
Dit is eigenlijk een hele leuke vorm van affiliatemarketing die je heel veel kan opleveren maar ook heel veel kan kosten. Je koopt online verkeer in door advertenties online te plaatsen, hiermee kun je ook de mist in gaan. Als er veel mensen op je banners klikken maar uiteindelijk niets kopen dan betaal jij de rekening! Bekende kanalen zijn:

  • Google adwords (de tekstadvertenties die je ziet in Google)
  • Google content netwerk (banners en ook de tekst advertenties op websites)
  • Facebook (de bannertjes aan de zijkant)

Er zijn nog veel meer kanalen op te noemen. Maar omdat in deze tak van sport een hoop geld valt te verdienen worden deze kanalen niet vaak uitvoerig besproken. Op Marketingfacts vind je een interessant artikel van Jochem Vroom over traffic buying binnen Facebook. Als je een beetje lef hebt en je wat geld kunt missen, is het een idee om het voorzichtig te proberen. Met name nieuwe traffic kanalen zijn interessant om in de gaten te houden. Daar kun je als toekomstige “traffic-buyer” goedkoop testen totdat ook de concurrentie de verkeersbron heeft ontdekt. Op het moment dat de concurrentie dan hevig is, heb jij in ieder geval de kennis in huis om van iedereen de beste advertenties te maken, waardoor je actief kunt blijven omdat je Return on Investment (ROI) voldoende hoog blijft.

Content Websites
Content websites zijn in feite websites met informatie waar bezoekers iets aan hebben. In affiliate marketing zijn dit vaak websites waar bezoekers naar op zoek zijn (anders dan landingspages die vaak conversieverhogend worden ingezet bij traffic buying). Dit kan nuttige informatie zijn, maar ook een blog over mode.

Directory sites
Dit zijn sites die voornamelijk bestaan uit linkjes waar mensen vandaan hun weg op het internet verder vervolgen. Startpagina.nl is hier een bekende van.

 

Belangrijke begrippen

Er zijn een aantal begrippen waar je veevuldig mee te maken krijgt en die handig zijn om te kennen. Deze heb ik hier toegelicht.

  • CPM – Cost per Mille. Dit zijn de kosten of opbrengsten per 1000 views. Met name interessant bij banner advertenties
  • CPA – Dit zijn de inkomsten of uitgaven per actie. Dit wil zeggen dat een bezoeker een product koopt en hier een vergoeding voor word betaald
  • CPC – Cost per Click. Dit zijn de inkomsten of uitgaven per klik.
  • CPL – Cost per Lead. Dit zijn de inkomsten of uitgaven per lead. Een lead is bijvoorbeeld het aanmaken van een profiel op een datingsite of het aanvragen van een proefrit of een hypotheek adviesgesprek.
  • CPO / CPS – Cost per Order / Cost per Sale. Dit zijn de inkomsten of kosten die per ‘sale’ gegeven worden. Dit kan zowel een vast bedrag als een percentage zijn.
  • Conversieratio – Dit is het percentage kliks dat tot resultaat leidt. Hoe hoger dit is, hoe beter je in feite als affiliate marketeer bezig bent, ermee rekening houdende dat bezoekers op je website een bepaalde waarde vertegenwoordigen. Je kunt ook spreken van conversie als je kijkt naar hoe leads veranderen in sales. Dan wordt vaak gesproken van Lead to Sale conversie.
    meer begrippen…

 

Tot Slot

Je hebt nu hoop ik een redelijk beeld van hoe affiliate marketing in zijn werk gaat. Als je een webwinkel hebt en je meer wilt verkopen, dan adviseer ik je om contact op te nemen met een van de affiliate netwerken. Rechtsboven aan deze pagina staan er een aantal als sponsor van dit blog genoemd. Als je zelf affiliate wilt worden, dan raad ik je aan om dit blog te blijven volgen. Ik kom op korte termijn met DEEL 2 van dit blogartikel over hoe je zelf online geld kunt gaan verdienen.

Ps. Fouten gezien in het artikel, vragen, of wil je iets toevoegen? Laat het horen in de reacties!

Lees ook: Deel 2 >>

21 reacties

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4
  5. 5
  6. 6
  7. 7
  8. 8
  9. 9
  10. 10
  11. 11
  12. 12

Geef een reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>